Dit is het laatste deel van een serie blogposts over hoe ik een autobiografisch boek heb geschreven. Hierin geef ik je wat tips mee die je wellicht kunt gebruiken om je eigen boek uit de pen te krijgen.

Blijf dicht bij jezelf

Zoals je merkt heb ik niets geschreven over schrijfstijl of de getrouwheid van object, plaats, tijd of actie. De keuzes die je daar in kunt maken zijn eindeloos, dus daar kun je het beste je eigen stijl in ontwikkelen.

Oefen, ontdek wat voor jou werkt en wat niet. Lees (of beter: kijk af) en schrijf veel om te zien waar je voorkeur ligt. Kom je er zelf niet uit, volg dan een cursus of neem een coach in de hand. Er zijn tegenwoordig legio mogelijkheden om hulp te krijgen bij het schrijven.

Geschreven? Afblijven!

De tekst van vandaag mag je nog een beetje schaven, maar daarna geldt: Blijf van je geschreven tekst af! Hoe slecht je ook vind dat hij in elkaar zit: Blijf eraf! Houd jezelf in totdat de manuscript helemaal af is en leef je pas daarna uit. Dat is de enige manier om het af te krijgen.

Wat zei ik nou: Afblijven!

Maak het jezelf gemakkelijk

Schrijf over gisteren, want: Hoe verder in het verleden, hoe moeilijker het wordt. Dit geldt voor het ophalen van je herinneringen en voor het opschrijven ervan. Dus beleef je een conflict dat met jou te maken heeft dan is dat een unieke kans om vanuit de actualiteit autobiografisch te gaan schrijven.

Qua marketing geldt hetzelfde: Heb je weinig tijd of wil je direct aan je volgende meesterwerk beginnen, besteed het marketingwerk dan uit. Probeer een uitgever te vinden die (veel van) het voor je doet.

Lezers zijn experts in lezen

Laat je (oefen)werk vooral aan anderen lezen om je leesbaarheid en stijlvastheid te toetsen. De lezer is namelijk een expert op het gebied van lezen. Hier heb je een blinde vlek; je bent zelf de auteur.

Laat tijdens het schrijven eens een hoofdstuk aan iemand lezen en vraag hoe het verhaal loopt. Laat ook het eindresultaat door minimaal twee personen lezen, zodat je een gevoel krijgt bij hoe de lezer het ervaart.

 Respecteer je acteurs

De acteurs in je boek zijn echte mensen, of zijn er op gebaseerd. Respecteer dat. Laat ze in hun waarde (schrijf positief en in het uiterste geval positief kritisch als het echt nodig is) en laat ze ermee instemmen dat je ze publiceert. Als je over reeds overleden mensen schrijft, heb je misschien nog met het nageslacht te maken. Zorg ook dat zij tevreden kunnen zijn met het boek.

Dat alles is misschien niet mogelijk omdat het verhaal te grafisch is (geweld, negatieve uitlating, slecht daglicht, etc…). Overdenk dan om het verhaal in een fictieroman te gieten. Zo kun je toch vertellen wat je kwijt wilt zonder daar direct mensen mee voor het zere been te stoten.

Zoek een gelijkgestemde uitgever

Een uitgever vertegenwoordigt jouw boek. Zoek dus een uitgever die jouw doelgroep (lezer) bedient en die past bij jouw wensen en eisen ten aanzien van het uitgeven.

Welke doelgroep bedienen ze? Wat wil je zelf doen en wat doet de uitgever? Hoeveel wil je zelf investeren? Waar ligt eigenaarschap en recht? Wat voor soort boeken geven ze uit? Denk daar goed over na en kies de uitgever die het beste voldoet aan die criteria. Dat bespaart een domper (materieel en/of immaterieel) achteraf.

Meer…

Dit waren de tips die ik zo op kon lepelen. Er zijn er waarschijnlijk nog veel meer… en die komen vanzelf bovendrijven in mijn volgende blogs.